maandag 23 februari 2015

Miet en Griet 30

Twan gaat demonstreren

Terwijl Griet, met een sacherijnige Miet in haar kielzog door de dorpsstraat struint, neemt Twan een eetpauze bij snackbar Paul Patat. Het kan hem niet schelen waar hij de zusters moet afzetten. Een meeuw heeft geen vaste plak, die gaat waar eten valt te snaaien.
Binnenkort begint het kaasmarktseizoen in Alkmaar weer, dan kan hij de dames afzetten in Egmond. Tot zo lang moet Miet het op Texel maar zien vol te houden, dat scheelt een extra vlucht. Diep in gedachten verdiept merkt Twan niet dat zijn maat Chiel naast hem is komen zitten.

‘Hé Twanneke, waar zit jij met je vogelbrein, ik zit hier al een tijdje, maar jij reageert niet eens. Is er iets?’

‘Chiel, wat heb ik jou een tijd niet gezien, waar heb jij overal gevlogen? Ik zit te denken aan Miet en Griet en hun woonprobleem.’

‘Trek je nog steeds op met dat lastige vrouwvolk, wat heb je toch met die twee? Volgens mij spannen ze jou voor hun karretje. Die Miet gebruikt haar verdriet om haar zin door te drukken en Griet heeft zich maar te schikken. Ze zijn door hun gedrag een blok aan je zwemvliezen. Dat je ze na het opvegen van het vlooiencircus hebt meegezeuld naar Texel heb ik nooit begrepen.’

‘Chiel, zeulen is overdreven zo zwaar zijn zandvlooien niet en ze zijn heus aardig. Kijk ze daar nu scharrelen op zoek naar een beetje zand. Ik moet toch maar zorgen dat ik ze naar Ecomare breng voor het donker is, daar ligt het zand voor het oprapen.’

‘Laat ze hun eigen bonen doppen, die twee redden zich wel. Voor je het weet zitten ze op de boot naar Den Helder en zijn ze op weg naar huis. Ga met mij naar Terschelling, er is daar veel spannends te beleven. De meeuwenkolonie heeft besloten met krijsacties de vergaderingen van ‘Tulip Oil’ te verstoren. Wat die lui in het snotje hebben deugt voor geen meter. Hoe meer we tegenwerken hoe beter. Het lijkt me wel geinig daar een partijtje mee te blazen. Tante Wanda doet ook mee.’

‘Tante Wanda zal eens niet meedoen. Die vloog als jonge meeuw al voorop in de troepen. Altijd haantje de voorste bij actievoeren. Met Wanda en haar gerichte flatsen stijgen de stomerijkosten. Kan ik mijn vriendinnen meenemen? Ik heb ze al voorgesteld een dagje Terschelling te doen. Misschien kunnen we ze inzetten, ze zijn zeer bedreven in het bezorgen van jeuk aan hoogwaardigheidsbekleders. In september hebben ze tijdens de troonrede het VVD-kamerlid dat meeuwen wilde afschieten een benauwd uurtje bezorgd. Waarmee ik wil zeggen dat Miet en Griet ook solidair kunnen zijn, dat kun je van menig VVD-er die op enig pluche is beland niet zeggen.’

‘Wanda is niet gecharmeerd van de zussen, ze neemt vooral Miet kwalijk dat jij door haar toedoen ernstig gewond in de vogelopvang hebt gezeten.’

‘Ook typisch Wanda, weinig vergevensgezind en altijd denken dat je het gelijk aan jouw kant hebt. Nou ja dat past bij een fanatieke actievoerder. Maar wat op Terschelling dreigt te gebeuren kan natuurlijk niet. Ik ga mee, de dames moeten het maar even zonder mij stellen.’

Ondertussen heeft Griet op het terras bij eethuis ‘Sjans’ een geschikte zandhoop gevonden en ze heeft zich meteen genesteld. Miet, die naderbij sjokt, ziet aan haar houding dat er voor vandaag geen onderhandelingsruimte meer is. Ze gaat akkoord met de plek onder voorwaarde dat het een tijdelijk onderkomen is. Griet haalt haar schildje op en besluit de discussie uit de weg te gaan.’

‘Ga jij Twan maar vertellen dat we een nieuwe woonplek hebben gevonden.’
‘We? Jij zal je bedoelen.’
‘Zeur niet ga nou maar.’

Twan vindt de keus niet optimaal, als in de voorjaarsvakantie de toeristen komen wordt het veel te druk op het terras. Een zandvlo is zo onder de voet gelopen, maar hij houdt het commentaar voor zich en laat de zusters in hun waarde. Hij is tenslotte Wanda niet die luid snaterend haar mening zou geven.
Samen met Chiel brengt hij Miet terug en hij belooft de vlooien om de volgende naar hun welzijn te komen informeren. Hij neemt zich voor dan ook over de demonstratieplannen te vertellen.

Chiel heeft van een afstandje staan toekijken en ziet nóg een risico dat de zussen bedreigt. Als de bezem door de zandhoop gaat omdat het terras moet worden ingericht zou dat het einde van Miet en Griet kunnen betekenen.

Zal hij zijn vriend wijzen op het gevaar of wacht hij af tot Twan wordt verlost van het kibbelende stel?

maandag 16 februari 2015

Miet en Griet 29

Twan geeft gas

Twan merkt dat het vrachtje in zijn nek tot rust komt en van het uitzicht geniet, hij besluit zijn vluchtplan te wijzigen. ‘Meiden zal ik jullie Terschelling laten zien voor het in zee verdwijnt? Vorig jaar kwam er niet van omdat ik in dat stomme visnet verstrikt raakte en jullie de reis naar Terschelling hebben geruild voor het avontuur in de Achterhoek.’

Miet zucht diep bij die laatste opmerking: ‘ Beetje zout in de wonden, Twan. De reis naar de Achterhoek is er uiteindelijk de oorzaak van dat we deze winter op Texel zitten, maar vertel waarom moeten we naar Terschelling voor het verdwijnt, zo ruw is de Waddenzee toch niet?’

‘Er schijnt een flinke gasbel bij dat eiland te liggen en nu heeft een Nederlandse oliemaatschappij met de illustere naam “Tulip Oil” bedacht dat ze daar naar gas willen boren. Heel Terschelling staat op zijn kop, de meeste eilanders willen geen boortorens op hun grond en ook niet in hun leefomgeving die Waddenzee heet. Het is daar één groot natuurgebied en dat wordt met het aanboren van de gasbel ernstig bedreigd.
De toestemming tot zoutwinning viel al niet in goede aarde omdat het slecht zou zijn voor het milieu en nu dreigt de gaswinning nog meer roet in het eten te gooien.
Onrust, demonstraties en dus leven in de brouwerij op Terschelling. Ik kan, als jullie daar zin in hebben, nu nog de koers verleggen.’

Niet ver van De Koog strijkt Twan neer op strandpaal 19 om met zijn passagiers te overleggen.

Miet onder de indruk van het verhaal vraagt zich af: ‘Welke gek krijgt het in zijn hoofd naar nieuw gas te boren terwijl in Groningen de huizen op instorten staan, je moet wel dollartekens tussen je oren hebben om zoiets te bedenken. Ze weten nou zo onderhand wat ervan komt. Is het niet genoeg dat de Groningers flink de dupe zijn van de gasbellen, moeten de Friezen daar nu ook nog bij komen? Misschien moeten we helemaal niet naar Terschelling, maar naar Den Haag om dat stelletje ongeregeld weer eens flink jeuk te bezorgen. Ze zijn daar echt de weg kwijt.’

‘Ha, die Miet, eindelijk het heilig vuur weer onder je schildje, zo hoor en zie ik je graag.’

Griet, die haar stiekeme avond in het café in rook ziet opgaan, bemoeit zich met het gesputter. ’Sinds wanneer heb jij verstand van politiek en gasboringen. Toen de windmolens voor de kust van Egmond in Zee werden geplaatst werd je daar niet koud of warm van, het halve dorp gaf tegengas, omdat ze bang waren voor bederf van het prachtige uitzicht.
De toeristen zouden wegblijven en zeevogels zouden zich massaal te pletter vliegen.
Ik heb nog met een spandoekje aan het begin van de strandopgang gestaan, jij vond het flauwe kul want die molens stonden volgens jou ver genoeg weg. En nu loop je opeens warm voor een gasbel in de Waddenzee.’

‘Over die windmolens hoor je niemand meer, omdat het allemaal reuze meevalt, de Duitsers, gewend aan windmolens, blijven gewoon komen en die dooie vogels vallen ook niet bij bosjes uit de lucht. Vogels zijn heus niet achterlijk, die vliegen om zo’n obstakel heen. Daarbij is windenergie minder schadelijk voor het milieu dan gas.’
‘Zal gerust, maar van de wind alleen kun je niet leven. Vorige week hield je ook al een pleidooi voor het milieu en dat terwijl je nog niet zo lang geleden op een ronkende motor zat. Of dat zo schoon is. Bij jou wisselen de principiële bezwaren met de dag.’

Twan hoort de discussie ontsporen, Terschelling raakt op deze manier buiten bereik: ‘Het is niet de bedoeling dat jullie elkaar in de haren vliegen over het milieuvraagstuk. Ik wil jullie, nu het nog kan, het ongerepte Terschelling laten zien. Als we nog erg lang op deze paal blijven zitten wordt het voor de vlucht van vandaag te laat en moet het een andere dag.’

Die opmerking komt Griet goed uit, ze grijpt haar kans: ‘Geen slecht idee, laat ons eerst woonruimte zoeken. Terschelling ligt er, met en zonder gas, volgende week ook nog wel.’

In de dorpsstraat in De Koog begint de zoektocht naar een geschikt zandkuiltje.
Miet, flink aangebrand over de opmerking over de ronkende motor, kijkt niet op of om.
Zij heeft haar besluit genomen, Ecomare of terug naar Egmond aan Zee.


zondag 8 februari 2015

Miet en Griet 28

Hoe nu verder ?

De zussen kunnen het over een nieuwe woonplek niet eens worden.
Sinds Miet over Ecomare heeft gelezen is er voor haar nog maar één plek op Texel waar ze voorlopig wil wonen. Griet denkt daar anders over. ‘Ik zou liever in de plaats zelf willen neerstrijken, dat geeft meer zicht op de wereld dan in zo’n pretpark.’
‘Ecomare is geen pretpark, dat is een instelling waar ze zieke zeehonden opvangen, er is een museum en ze leren de bezoekers veel over de natuur en wat er zoal leeft in de Waddenzee. Wie weet komen we er zandvlooien tegen.’
’Sinds wanneer interesseert jou de natuur?’ bitst Griet.
‘Sinds jij er de voorkeur aangeeft voor de buis te hangen. Geef nou maar toe dat je daarom in De Koog zelf wilt wonen. Jij zou het liefst een kuiltje op een terras betrekken zodat je ’s avonds in de kroeg kunt zitten. Ik verdenk je ervan dat je stiekem toch geniet van die boeren, maar dat je dat niet wilt toegeven. Realiseer jij je wel dat het op zo’n terras nooit rustig is. Stel je eens voor dat ons theepotje de hele dag op tafel staat te rammelen omdat er bezoekers boven ons kuiltje zitten die met tafels en stoelen schuiven. En als ze een biertje te veel drinken kun je op dronkenmansgelal wachten. Maar je moet doen wat je niet kunt laten, je kunt zonder mij in De Koog wonen.’
‘Oh nee Miet, niet weer op die toer. Wij blijven hoe dan ook bij elkaar. Je kunt nou wel heel stoer doen, maar daar trap ik niet meer in. Wij kunnen niet zonder elkaar, dat weet je best.’

Als Twan zijn opwachting maakt zitten ze nog steeds te kibbelen.
‘Ik hoor het al meiden, er is hier niets veranderd, wat is vandaag het probleem?’
Griet legt uit: ‘We steggelen nog steeds over nieuwe woonruimte, ik wil het liefst naar de Dorpsstraat in De Koog en Miet wil naar Ecomare.’
‘Als meeuw zou het mij niet uitmaken, ik ben een alleseter en scharrel op beide plekken mijn kostje bij elkaar, maar daar zal het jullie niet om te doen zijn.  Er is wel een groot verschil tussen de stilte hier onder de Eierland en De Koog, het kan daar behoorlijk druk zijn.’
‘Onzin’, vindt Griet. ‘Het is winter dus zo’n vaart zal het met die drukte niet lopen, Miet heeft dat ook als smoes opgevoerd.’
‘Ja en ik heb het vermoeden dat het jou gaat om televisie kijken, je hipt daar nu toch ook voor naar De Cocksdorp, dat kun je ook vanuit Ecomare doen, ik zie het bezwaar niet.
Ik vind Ecomare een veel betere plek, het lijkt meer op onze natuurlijke habitat er is voldoende zand en - niet onbelangrijk - een leerzame omgeving.’
‘Tjonge hoor je dat Twan, ons Mietje gebruikt moeilijke woorden om haar betoog kracht bij te zetten. Natuurlijke habitat, voldoende zand, alsof wij zandvlooien daar bergen van nodig hebben.  Doe nou maar gewoon, dan is het leven met jou al moeilijk genoeg.’
Twan grijpt in: ‘Ophouden met elkaar de vlooien af te vangen, zo komen we nergens, spring op mijn nek dan gaan we beide plaatsen eerst eens verkennen, verhuizen heeft niet echt haast en het valt met dat wegkwijnen van Miet ook wel mee, als ik jullie zo hoor.
Daar hebben de zussen niet van terug, beschaamd klemmen ze de kaakjes op elkaar als ze zich tussen Twan’s veren nestelen. De eerste vleugelslagen zitten ze nog mokkend voor zich uit kijken, maar als ze langs de kustlijn vliegen is de belangstelling voor de omgeving snel gewekt. Het lange en brede strand wekt bij de zussen herinneringen aan Egmond op.

Ze kruipen wat dichter bij elkaar en genieten van het uitzicht.
Terwijl Twan koers zet naar De Koog verdwijnt de Eilander langzaam uit zicht. Eronder staat het theepotje verlaten op tafel.

dinsdag 3 februari 2015

Miet en Griet 27

Koude Kermis

De zusters Zandvlo  hebben na het emotionele gebeuren van vorige week de strijdbijl begraven en beraden zich op de toekomst. Miet is bereid haar zus tegemoet te komen om langer op Texel te blijven, maar dan wil ze wel naar een plek waar meer te beleven valt.
Dat is zeker niet het erf van boer Jan. De dames kauwen nu op het voorstel van Twan om naar De Koog te verhuizen. Het is één van de oudste dorpen op Texel met veel winkeltjes en horeca en - niet onbelangrijk - de zeehondenopvang Ecomare om de hoek. Vooral dat laatste lijkt Miet aantrekkelijk. Ze heeft in een VVV-folder gelezen dat er veel interessante zaken zijn te zien. Daar zou ze wel een tijdje willen wonen voor ze definitief naar Egmond teruggaan, want dat idee heeft ze nog steeds niet laten varen.
Daarnaast heeft ze Griet duidelijk gemaakt dat ze niet meer naar Boer zoekt Vrouw wil kijken. Griet is dat in eerste instantie helemaal met haar eens. Ook zij is wel klaar met die boerenflauwekul. Dat verandert als ze een gesprek opvangt tussen twee wandelaars, het gaat over Geert en zijn handtastelijkheden. Ze hoort dat hij in een ander Tv-programma behoorlijk op de hak wordt genomen en dat hij daar helemaal niet blij mee is. Hij wil zelfs niets meer met de media te maken hebben. Het maakt Griet stiknieuwsgierig naar het verloop van die zoektocht naar de ware liefde. Zo zit ze vanavond met hoog gespannen verwachtingen alleen voor de buis waar ze de afgang van de week beleeft. Er gebeurt niets spannends, bij geen enkele boer zie je een vonk overslaan, er zit geen spatje zindering in de lucht. En dat terwijl de boeren vandaag weer een keus moeten maken, maar die laat de KRO deze avond mooi niet zien. Zo houden ze de kijker bij de les.
Zwaar teleurgesteld hipt Griet naar huis waar Miet met een pot thee zit te wachten.
 Griet zucht: ‘t Was echt drie keer niks, zo verschrikkelijk saai, je wilt het niet weten.’
‘Klopt, ik wil het niet weten, doe geen moeite iets uit te leggen. Zonde van de avond, we hadden beter over de verhuizing naar De Koog kunnen praten. Thee?’
Griet schuift haar kopje bij, ze heeft al lang spijt dat ze toch naar het café is gegaan en zo de kans heeft laten lopen om in harmonie met Miet tot overeenstemming te komen.
Ze besluit de zure opmerking te laten passeren. Morgen een verse dag met nieuwe kansen.

Zal er ooit nog een tijd komen dat er niets valt te kissebissen?