maandag 5 mei 2014

Miet en Griet 6

Miet wil op familiebezoek

Miet blijft mijmeren over de Achterhoek en de Zwarte Cross.
Als ze weer eens met Twan op de boulevard onder een bank zit, durft ze hem te vragen of hij langeafstandsvluchten maakt.
‘Den Helder-IJmuiden vice–versa is het langste traject wat ik nog vlieg.
Toen ik jong was vloog ik met mijn maten in formatie van Den Helder naar Wijster.
Dat is een plaats in Drenthe, waar ze een gigantische vuilstort hadden. Vanuit heel Nederland werd daar het huisvuil gebracht en verwerkt. We werden door die jongens van de luchtmacht in Leeuwarden met de radar in de gaten gehouden, want zo’n vlucht zeemeeuwen kan gevaarlijk zijn voor het vliegverkeer. Wij vlogen non-stop, redelijk laag over de Afsluitdijk via Sneek en Heerenveen. Bij Wolvega bogen we af naar Wijster.
Vaak bleven we daar een paar dagen hangen. Maar, er werd gemoderniseerd om aan strengere milieueisen te voldoen. Er kwam een verbrandingsoven en de vuilnisberg werd afgedekt met schone grond en gras. Tegenwoordig is het de hoogste plek van Drenthe en wordt hij zelfs gebruikt als berg bij het wielrennen. Marianne Vos heeft de klim goedgekeurd. Wij meeuwen hebben niet veel op met regels en met milieu al helemaal niet, hoe groter rotzooi hoe liever. We staakten de vluchten en bleven op de Wadden en in Noord-Holland om aan de kost te komen. Eerlijk gezegd bevalt het me wel. Vertel eens Miet aan welk plan moet ik meewerken?’

‘We willen in de Achterhoek onze neven Tinus en Bertus bezoeken. Zij zijn liefhebbers van de Zwarte Cross en ik zou dat feest graag een keer meemaken. Bertus was in IJmuiden op het vlooienfestival. Volgens hem is dat een ouwe wijvenkransje vergeleken bij het feest in Lichtenvoorde. Hij vertelde over Tante Rieki, gravin van de Hummelse Hei, die daar de boel op gang houdt. Haar zou ik wel willen ontmoeten. Meereizen in de reserveband van een caravan van een vakantieganger uit die streek, is een mogelijkheid, maar hoe komen we terug? Als we een motorrijder uit deze buurt kunnen vinden, is die reis een eitje. Hebben de Bandidos geen cel in deze regio? Stom, ik had Bertus moeten vragen hoe hij zijn reis heeft geregeld.’

De snaterende lach van Twan schalt over de boulevard. ‘De Zwarte Cross. Ben je gek geworden Miet. Herrie, modder, liters bier en woest volk. Vanuit Wijster ben ik een keer met gevleugelde vrienden doorgevlogen. Er was meer dan genoeg te eten, maar de herrie van de rockers en crossers was zelfs ons meeuwen te veel. Denk niet dat je daar kunt swingen op de vlooienmars, Jovink en de Voederbietels spelen een ander genre. Ik neem aan dat het de bedoeling is dat ik een retourtje Gelderland verzorg. Voor dat feest gaat Griet vast niet tussen mijn veren zitten.’

‘Vorig jaar heeft ze me er van kunnen weerhouden. Ik had gehoopt dat de trip op het cruiseschip me wel een eindje op weg zou helpen, maar die beroerde afloop heeft flink roet in het eten gegooid. Het ongelukje op de kaasmarkt heeft er ook geen goed aan gedaan.
Maar het laat me niet los. Het is net zoiets als eerst Napels zien en dan sterven.’

‘Waar zie je me voor aan, Miet? Aan dat laatste ga ik zeker niet meewerken. Heb je geen familie op Terschelling? Het Oerolfestival lijkt me een betere plek voor zandvlooien.
In elk geval is het daar voor Griet, met haar stressgevoeligheid, aangenamer toeven.
Je overlegt het eerst maar met haar. Ondertussen zal ik nadenken over eventuele oefenvluchten. Mijn vleugels worden hier langs de kust al behoorlijk stram.
Ik ben tenslotte niet meer een van de jongsten. Ik wens je succes met je strakke plan.
En doe Griet de groeten.’
Naschuddend met zijn kop gaat Twan op de vleugels richting Petten.

Miet hipt ter vlonder. Morgen maar eens een zandkorreltje opgooien…

Geen opmerkingen:

Een reactie posten