Eind goed al goed
De opmerking van Miet over de opvang op Texel heeft zijn
doel niet gemist.
Griet heeft er een dag schuldbewust op zitten broeden, zich
afvragend waarom ze tegen de afgedwaalde spreeuw is. Het beest heeft haar met
geen haar gekrenkt en overlast heeft hij tot nu toe niet veroorzaakt. Zelfs
voor hun deur ligt hij niet in de weg.
Griet zit met zichzelf in de knoop, wat is dat toch met
haar. Altijd op haar hoede, nooit eens spontaan reageren. Het tegenovergestelde
van haar zuster, die overal avontuur inziet en daardoor het risico neemt in
zeven sloten tegelijk te lopen, waar Griet haar dan uit moet redden. Zou het
angst voor het onbekende zijn? Zij moet altijd maar afwachten wat Miet overhoop
haalt, maar hoe erg is dat nou helemaal? Iedere keer is gebleken dat alles op
zijn pootjes terechtkomt. Meestal met behulp van Twan, maar toch …
Griet zucht eens diep, aan die angsthazerij moet een eind
komen.
Buiten begint Sverre bij zijn positieven te komen. Naast hem
zit een zorgelijke Miet trouw op wacht. Juist op dat moment strijkt Twan naast
haar neer. Zoals gewoonlijk komt de meeuw als geroepen.
‘Wat ben jij lang weggebleven, zit de Haakongroep soms
alweer in Zweden?
Hoe moet het nu verder? Het is Sverre gelukt zonder dat hij
er weet van heeft een wig tussen Griet en mij te drijven. Ze zit binnen met een
bui om op te schieten. Als die vogel voor nog meer onmin met mijn zuster zorgt,
mag hij vandaag nog afreizen.’
Griet, die zich heeft voorgenomen de ruzie met Miet bij te
leggen, vangt de laatste zin op.
‘Dat hoeft niet Miet, ik heb me kinderachtig gedragen. Wat
maakt een buitenlandse spreeuw meer of minder uit, hij is geen reden om ruzie
over te maken. Jij en ik hebben wel voor heter vuren gestaan.’
Miet haar bekje valt open van verbazing. Opgelucht omhelst
ze haar zuster.
Twan vertelt dat de spreeuwen Amsterdam als
overwinteringsplek hebben gekozen.
Er is daar op straat ruim voldoende te snaaien en doortrekken
is niet noodzakelijk met de zachte winter hier. Weliswaar is Amsterdam voor een
spreeuw als Sverre, met het verslavingsgen onder zijn veren, een verleidelijke
stad, maar de rest van de groep zal goed op hem passen.
‘We wachten tot hij vliegklaar is en dan breng ik hem naar
zijn soortgenoten.
Ik moet namens Haakon bedanken voor de opvang en mochten
jullie zin hebben om naar Zweden te komen dan zijn jullie altijd welkom.’
Miet en Griet zijn er stil van. Ze kunnen 2015, een jaar
waarin veel is gebeurd, met een gerust hart afsluiten.
Boven hun hoofden zet Sjef Kokkel een krijtbord op straat.
‘Tijdens de Kerstdagen is restaurant Zeeschuim volgeboekt.’
Welkom op jullie nieuwe stek.
BeantwoordenVerwijderenHa, mevrouw Marja onze trouwste fan. Fijn u hier te zien.
VerwijderenWij oefenen op een handtekening die u zeker verdient.