Laat in de middag landt Twan luid snaterend
voor de zandkuil.
‘Meiden, daar ben ik weer eens. Ik heb een poos in Harlingen
rondgehangen en kan geen vis meer zien. Ik heb me compleet overeten aan potvis.
Hoe is het hier, alles rustig?
Geen verdwaalde spreeuwen meer gezien?’
Miet vertelt dat ze vorige week erg geschrokken zijn van de
journaalbeelden en dat ze nieuwsgierig zijn naar de meeuw die de partijvlag
siert.
‘Dat is Geertruida, een achternicht uit Marokko. Altijd al
een buitenbeentje geweest, nooit binnen de lijnen van het normale opereren,
aandachttrekster met een grote bek.
De hele familie heeft zich tegen haar gekeerd toen ze symbool
van de vrijheid werd voor deze partij. Als de leider had geweten dat ze uit
Marokko komt had ie vast een andere keus gemaakt. Die man moet niets hebben van
buitenlanders, ik lach me altijd gek als ik Geertruida in beeld zie. Ze doen
hun best maar, ik wil er niets mee te maken hebben.’
‘Met heel Den Haag niet of alleen niet met die club?’ wil
Griet weten.
‘Vanwaar de vraag? Moet er actie worden ondernomen?
Ik heb in Harlingen het nieuws niet gevolgd. Praat me even
bij.’
Griet laat haar gedachten de vrije loop: ‘Ik zei pas tegen
Miet dat we de minister van Veiligheid en Justitie wel een lesje kunnen leren.
Die man maakt er een potje van, manipuleert met foto’s, beschuldigt integere
mensen van onzorgvuldig gedrag, geeft zijn ambtenaren de schuld van
zoekgeraakte papieren en draait met een grote bocht om de waarheid. Stiekem
gedoe is het.
Als we nog lang blijven treuzelen, hoeft het niet meer, worden we ingehaald door dat zoekgeraakte bonnetje en is
deze minister vertrokken voor we hem jeuk hebben bezorgd.
Hij zit in elk geval
op hete kolen, hoewel ik me afvraag of hij ze wel voelt. Arrogant mannnetje,
net als zijn voorganger meneer Blahblah. Ze hebben in Den Haag enorme
vloerkleden waar je van alles onder kunt vegen en de doofpot heeft een omvang
waar Sjef Kokkel jaloers op zou zijn.
Ik hoop dat de onderzoekscommissie alle lijken uit de kast
haalt, het gaat zo onderhand behoorlijk stinken. Potvissen zijn er niets bij.’
Miet weet niet wat ze hoort. Griet, de voorzichtige, neemt
politiek Den Haag op de korrel.
Als ze het daar maar bont genoeg maken komt zelfs
haar zuster in het geweer, dat verdient
steun. Op de barricades!
Twan begrijpt het relaas niet helemaal, maar dat de dames naar
Den Haag willen en dat hij daarvoor moet zorgen is hem duidelijk. Vandaag gaat
dat niet meer lukken. De vlucht uit Harlingen zit hem nog in de veren. Daarbij
verdient de actie enige voorbereiding.
Uitzoeken wanneer en op welke plek ze de minister te grazen
kunnen nemen.
Twan denkt dat een actie tijdens een Kamerdebat het meeste
effect heeft. Hij ziet het al voor zich. De minister die de, altijd feestelijk
gekleurde, stropdas afrukt.
Daarna
een schorsing omdat hij zich openlijk staat te krabben terwijl hij moeilijke
vragen moet beantwoorden. En passant kan Twan zelf achternicht Geertruida een
poepje laten ruiken.
Hij krijgt er zin in.
Opgepast, van der Steur. Zoek dekking!
BeantwoordenVerwijderenEn nu zijn er ook nog andere spelletjes op dat ministerie dat niet door de beugel kan.
BeantwoordenVerwijderenDie van der Steur is mijn vertrouwen kwijt.. dus dames... zet 'm op!!!!!
Liefs,
Alie
Den Haag speelt doofpotje en stoofpotje.
BeantwoordenVerwijderenMaar deze vogels hebben er juist een goed en eerlijk beeld van.
Maar of dat lucht in de Nederlandse politiek zal opklaren?
Bezorgde groet,