Dodelijk vermoeid van het roze feest vliegen Miet en Griet
slapend naar Egmond.
Pas als Twan zijn zwemvliezen in het zand zet, komen ze
bij hun positieven. Ze bedanken de meeuw vanuit de grond van hun kleine hartjes
voor de beleving die hij ze heeft bezorgd.
Vooral Griet raakt niet uitgepraat
over de glitter en de extravagantie, dat het zo leuk zou zijn heeft zij niet
verwacht. Voor de feestgangers die weinig om het lijf hadden, heeft ze haar
ogen gesloten, maar ze begrijpt dat deelnemers in boerkini het andere uiterste was
geweest.
Twan is blij met het enthousiasme en vindt de missie
geslaagd. Als de dames het deurtje van de zandkuil hebben dichtgetrokken, vliegt
hij naar Alkmaar om zijn soortgenoten op te zoeken.
In een buitenwijk van de stad vindt hij de kolonie in rep er
roer. Er wordt onsamenhangend gekrijst en gesnaterd over het meeuwenbestrijdingsbeleid
dat mogelijk herroepen wordt.
De meeuwen hebben een rustige zomer kunnen beleven omdat de
rechter de gemeente verbood de beschermde vogels nog langer dwars te zitten.
Twan heeft, tegen zijn zin, veel jonge meeuwen uit het ei
zien komen, vrijgezel in hart en nieren, heeft hij het niet op met jong grut.
Sommige ouders hebben van opvoeden geen kaas gegeten en hun kroost groeit op
voor galg en rad. Ze maken onnodig herrie, hebben een grote bek en reageren
agressief als ze een beetje eten in hun vizier krijgen.
Achterneef Jopke is zo’n onopgevoed exemplaar, daarbij heeft
hij een aangeboren slaapstoornis.
Elke ochtend om 5.00 uur zet hij het op een
krijsen en maakt met veel misbaar de buurtbewoners wakker.
Wat betreft een gedeelte van zijn soortgenoten begrijpt Twan
de klachten van de mensen wel, maar zoals het vaak gaat met bestrijdingsbeleid, moeten de goeden onder kwaden lijden.
Goed beschouwd hebben de burgers zelf de overlast
veroorzaakt door slordig om te gaan met huisvuil en de meeuw van extra lekkers
te voorzien om vervolgens te klagen over overlast.
Het is net als verhuizen
naar het platteland en daarna zeuren over megastallen en stank.
Eigenlijk hoort een meeuw langs de kust te foerageren, maar
hij is gewend geraakt aan een gevarieerd menu, rauwe vis eet hij bijna niet
meer. De jongere generatie weet waarschijnlijk niet eens hoe een visje te
vangen, die halen hun kant-en-klaar bereide maaltje op de markt of bij de
snackbar.
Als de plannen doorgaan zal het voor Twan en de oudere
generatie wel loslopen, maar de jongeren zullen weinig kans krijgen een nest te
bouwen en als het al lukt, zal hun kroost niet uit het, met olie ingesmeerd, ei
komen. Diervriendelijke maatregelen noemt de gemeente dat.
Achterneef Jopke stelt voor de burgemeester bij de
eerstvolgende gelegenheid, als hij in zijn goeie pak staat met de
blingblingketting om zijn nek, eens flink te kakken te zetten. Een paar vette
flatsen en zijn pak is naar de filistijnen. Wat denkt die vent wel, ons
beschermde diersoort bestrijden, dat is discrimininatie.


Hier zijn gelukkig nauwelijks meeuwen. Hun gekrijs kan ik niet erg waarderen.
BeantwoordenVerwijderenTwan is natuurlijk een schatje. En ik ben ook tegen dieronvriendelijke maatregelen.
Je verhaal is weer prachtig.
Heerlijk verhaal weer.. Twan moet blijven, Twan moet blijven *scanderend*. En de dames zijn zeker nog lekker onder zeil?
BeantwoordenVerwijderenIk heb weer genoten! Ben benieuwd of ze weer naar Den Haag gaan haha..
☺
BeantwoordenVerwijderen